Informatica op sg. De Waerdenborch

SQL

SQL staat voor Structured Query Language (gestructureerde vragentaal). Het is de standaardtaal die je gebruikt om te communiceren met een relationele database (een grote verzameling tabellen met rijen en kolommen, zoals Excel maar dan veel groter en slimmer).

Illustratie bij SQL

Waarom gebruiken we SQL?

Stel je voor dat een webshop zoals Bol.com of een school een database heeft met miljoenen rijen aan leerlingen, cijfers, producten of bestellingen. Je klikt op een knop en de website toont direct de juiste informatie.
Achter de schermen stuurt de computer dan een SQL-opdracht naar de database.

Met SQL kun je:

  • Data opvragen (SELECT): Zoek alle leerlingen uit Havo 4 waarvan het cijfer voor Informatica hoger is dan een 7.
  • Data toevoegen (INSERT): Zet een nieuwe leerling in de tabel.
  • Data wijzigen (UPDATE): Pas het e-mailadres van een klant aan.
  • Data verwijderen (DELETE): Wis een verlopen product uit de webshop
  • Rekenen met data (functies): Geef me de naam van de klant met het hoogste saldo

Voorbeeld SQL

SQL query